Blogs Armarium

Informeren wederpartij over ingediende stukken en berichten in het digitaal zaakdossier

Geschreven door Robert Stallmann | 01 nov, 2025 12:00

Samenvatting

Iedere advocaat informeert de wederpartij over de stukken en berichten die zijn verstuurd naar de rechtbank of het gerechtshof. Nu het digitaal zaakdossier in steeds meer zaken wordt gebruikt krijgen wij vaak de vraag of dat nog steeds nodig is. Het antwoord is niet eenduidig te vinden in de reglementen. Nergens staat geschreven dat het niet nodig is in digitale zaken. Op heel veel plekken staat dat het informeren van de wederpartij moet. Het digitale zaakdossier in Mijn Rechtspraak biedt daar nog geen oplossing voor. Ons advies is om de stukken en berichten direct na indiening via Mijn Rechtspraak naar de wederpartij te sturen via een ander kanaal zoals post of e-mail.

Moet ik de wederpartij nog informeren als ik digitaal procedeer? JA!

De zoektocht naar het informeren van de wederpartij bij het digitaal procederen begint logischerwijs bij het Reglement inzake de toegang tot en het gebruik van systeem DT Rechtspraak. Maar helaas staat er in dit reglement geen artikel over het informeren van de wederpartij over ingediende stukken of berichten. Dus vallen we terug op de procesreglementen voor alle verschillende zaakstromen. We hebben er twee bekeken op dit onderwerp. Het principe is simpel: Zowel de rechtbank als de wederpartij moeten op hetzelfde moment de stukken die een advocaat indient, ontvangen. De praktijk van het digitaal zaakdossier is dat ingediende stukken eerst door de griffier worden bekeken voordat ze in het digitaal zaakdossier terecht komen en dus door de wederpartij bekeken kunnen worden. De griffier zal uiteraard ingediende stukken met enige snelheid verwerken maar het blijft een handmatige actie die enige tijd op zich kan laten wachten. Dus indienen is geen garantie dat de wederpartij de stukken kan inzien via Mijn Rechtspraak.

Wederpartij informeren in digitale zaken? JA!

 

Familie en jeugdrecht Rechtbank

Procesreglement Scheiding

Artikel 1.3

Proceshandelingen worden weergegeven in het voor advocaten toegankelijke elektronisch familiejournaal. Een advocaat gebruikt voor het indienen van stukken en voor het berichten van de rechtbank een F-formulier (beschikbaar in het electronisch familiejournaal).
Van alle berichten aan de rechtbank dient tegelijkertijd een afschrift aan de wederpartij te worden gestuurd, en indien ten behoeve van de minderjarigen gezags- en/of omgangsvoorzieningen moeten worden getroffen, ook aan de Raad voor de Kinderbescherming. Uit het F-formulier moet blijken dat hieraan is voldaan.

Artikel 9.4

De rechter kan, indien de processtukken daartoe aanleiding geven, bepalen dat uiterlijk tien dagen voor de mondelinge behandeling nog nadere stukken in het geding moeten worden gebracht en in afschrift aan de wederpartij moeten worden toegezonden.
Deze stukken worden vermeld in de oproepingsbrief.
Deze brief dient – voor zover nodig – als bevel als bedoeld in artikel 22 Rv, dan wel als verzoek ex artikel 22b Rv.
De rechter kan besluiten op informatie die na de hierboven genoemde termijn is binnengekomen geen acht te slaan.

12 – Digitaal procederen

Artikel 12.10 – Aantal in te dienen exemplaren

Het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken, het verweerschrift en de bijgevoegde stukken, en de eventueel tijdens de mondelinge behandeling in te dienen processtukken of de in het geding te brengen bewijsstukken worden in enkelvoud ingediend, met een kopie aan iedere belanghebbende indien en zolang deze op papier procedeert.

Procesreglement Alimentatie

Artikel 1.3

Proceshandelingen worden weergegeven in het voor advocaten toegankelijke
elektronisch familiejournaal. Een advocaat gebruikt voor het indienen van stukken en voor het berichten van de rechtbank een F-formulier (beschikbaar in het elektronisch familiejournaal).
Van alle berichten aan de rechtbank dient tegelijkertijd een afschrift aan de wederpartij te worden gezonden. Uit het F-formulier moet blijken dat hieraan is voldaan.

Artikel 5.9 – Proceshandelingen en stukken

Een partij die tijdens de mondelinge behandeling nog een proceshandeling wenst te verrichten of stukken in het geding wenst te brengen, zorgt ervoor dat de rechtbank en iedere belanghebbende uiterlijk tien dagen voor de dag van de ondelinge behandeling een afschrift van het te nemen processtuk of de in het geding te brengen stukken hebben ontvangen.

8 – Digitaal procederen

8.10 – Aantal in te dienen exemplaren

Het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken, het verweerschrift en de bijgevoegde
stukken, en de eventueel tijdens de mondelinge behandeling in te dienen processtukken of de in het geding te brengen bewijsstukken worden in enkelvoud ingediend, met een kopie aan iedere belanghebbende indien en zolang deze op papier procedeert.

Procesreglement Bijstandsverhaal

Artikel 1.3

Proceshandelingen worden weergegeven in het voor advocaten toegankelijke
elektronisch familiejournaal. Een advocaat gebruikt voor het indienen van  stukken en voor het berichten van de rechtbank een F-formulier (beschikbaar in het elektronisch familiejournaal).
Van alle berichten aan de rechtbank dient tegelijkertijd een afschrift aan de
wederpartij te worden gezonden. Uit het F-formulier moet blijken dat hieraan is voldaan.

Artikel 4.10 – Proceshandelingen en stukken

Een partij die tijdens de mondelinge behandeling nog een proceshandeling wenst te verrichten of stukken in het geding wenst te brengen, zorgt ervoor dat de rechtbank en iedere belanghebbende uiterlijk tien dagen voor de dag van de mondelinge behandeling een afschrift van het te nemen processtuk of de in het geding te brengen stukken hebben ontvangen.

6 Digitaal procederen

Artikel 6.10 – Aantal in te dienen exemplaren

Het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken, het verweerschrift en de bijgevoegde stukken, en de eventueel tijdens de mondelinge behandeling in te dienen processtukken of de in het geding te brengen bewijsstukken worden in enkelvoud ingediend, met een kopie aan iedere belanghebbende indien en zolang deze op papier procedeert.

Procesreglement Gezag en Omgang

Artikel 1.5

Proceshandelingen worden weergegeven in het voor advocaten toegankelijke elektronisch familiejournaal. Een advocaat gebruikt voor het indienen van stukken en voor het berichten van de rechtbank een F-formulier (beschikbaar in het elektronisch familiejournaal).
Van alle berichten aan de rechtbank dient tegelijkertijd een afschrift aan de wederpartij, aan de Raad voor de Kinderbescherming en belanghebbenden te worden gezonden. Wanneer er van een ondertoezichtstelling sprake is, dient er tevens een exemplaar van de berichten aan de GI belast met de uitvoering van de ondertoezichtstelling te worden gezonden. Uit het F-formulier moet blijken dat hieraan is voldaan.

Procesreglement Civiel jeugdrecht

Artikel 1.5

Van alle berichten aan de rechtbank, niet zijnde verzoekschriften, dient door  de Raad voor de Kinderbescherming, de GI, het college van burgemeester en wethouders en de advocaat c.q. procesvertegenwoordiger tegelijkertijd een afschrift aan de wederpartij en eventuele andere belanghebbenden te worden gezonden. Uit het bericht moet blijken dat hieraan is voldaan.

Artikel 9 – Digitaal procederen

Artikel 9.10 – Aantal in te dienen exemplaren

Het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken, het verweerschrift en de bijgevoegde stukken, en de eventueel tijdens de mondelinge behandeling in te dienen processtukken of de in het geding te brengen bewijsstukken worden in enkelvoud ingediend, met een kopie aan iedere belanghebbende indien en zolang deze op papier procedeert.

Procesreglement Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en Wet zorg en dwang

Digitaal procederen

Artikel 2.5 – Aantal in te dienen exemplaren

Het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken, het verweerschrift en de
bijgevoegde stukken, en de eventueel tijdens de mondelinge behandeling in te dienen processtukken of de in het geding te brengen bewijsstukken worden in enkelvoud ingediend, met een kopie aan iedere belanghebbende indien en zolang deze op papier procedeert.

Procesreglement FJ rechtbanken per 1 juli 2024 (rechtspraak.nl)

Handelsrecht Rechtbank Civiele dagvaardingszaken

Artikel 1.14 – Berichtenverkeer

Behalve in gevallen van bijzondere spoed, gebruikt een partij voor een aan de rechtbank gericht bericht als bedoeld onder 1.2 onder c. uitsluitend een B-formulier, dat via Veilig Mailen of per brief aan de desbetreffende griffie wordt toegezonden. Door de partij die digitaal procedeert, geschiedt de indiening alleen via het digitale systeem.
Indien een partij enig bericht aan de rechtbank zendt, stuurt deze partij gelijktijdig een kopie van het bericht aan de wederpartij. Zij doet dit op zodanige wijze dat kan worden aangenomen dat de wederpartij het bericht niet later dan de rechtbank ontvangt. Uit het bericht aan de rechtbank moet blijken dat aan dit voorschrift is voldaan. De wederpartij kan binnen twee dagen reageren of, indien de zaak eerder op de rol staat, uiterlijk op het inlevertijdstip als bedoeld in artikel 1.3.

Indiening van processtukken en berichten

Artikel 2.1 – Tijdstip en wijze van indiening van processtukken en berichten

  1. Voor zover in artikel 3.1 niet anders is bepaald, wordt een voor een roldatum bestemd processtuk uiterlijk op het inlevertijdstip ter griffie ingediend.

    Een partij die niet-digitaal procedeert dient processtukken en berichten bij de rechtbank waar de zaak in behandeling komt of in behandeling is, als volgt in:

    • door toezending per post aan de griffie van die rechtbank ;

    • door afgifte aan de Centrale Balie van die rechtbank ;

    • door indiening ter zitting als bedoeld in artikel 4.10;

    • door toezending via Veilig Mailen, mits het processtuk, met eventuele bijlage(n), direct per post aan de griffie van de rechtbank wordt nagezonden of wordt afgegeven aan de Centrale Balie, onder de uitdrukkelijke vermelding dat het reeds eerder via Veilig Mailen ingediende stukken betreft . Verzendingen via Veilig Mailen die vóór 24.00 uur van de laatste dag van een lopende termijn zijn ontvangen, gelden

      als binnen de termijn ingediend. Indien een termijn op een ander tijdstip op die dag eindigt, gelden verzendingen die voor dat tijdstip zijn ontvangen als binnen de termijn ingediend (zie onder meer het bepaalde in artikel 1.3), met een kopie aan de wederpartij.

  2. Een partij die digitaal procedeert dient processtukken en berichten in door toezending aan de rechtbank waar de zaak in behandeling komt of in behandeling is via het Aansluitpunt Rechtspraak – Digitale Toegankelijkheid (DT) of via het webportaal Mijn Rechtspraak. Stukken kunnen uitsluitend worden ingediend in PDF/A-formaat en met een maximale bestandsgrootte van 25 MB. Een partij die digitaal procedeert kan geen stukken en berichten indienen door toezending via Veilig Mailen, behoudens het navolgende. Audio- en videobestanden worden wel verstuurd via Veilig Mailen. In Mijn Rechtspraak moet dan een bericht worden geüpload waarmee de rechtbank hierover wordt geïnformeerd.

Indiening van processtukken en berichten op een andere wijze dan in dit artikel beschreven, is niet toegestaan.

Als de zaak staat ingeschreven op de rol bij een locatie van de rechtbank, worden de processtukken ingediend bij de griffie van deze locatie .

De indiener voegt bij het processtuk een behoorlijk ingevuld B-formulier.
De griffie is op werkdagen telefonisch bereikbaar van 8.30 tot 17.00 uur, tenzij het bestuur van de desbetreffende rechtbank in het bestuursreglement anders heeft bepaald (klik hier voor een overzicht van de telefoonnummers).

Artikel 2.3 – Conclusies en akten

Conclusies en akten worden in enkelvoud ingediend in enkelvoudige zaken.
De partij die een conclusie of akte indient, zorgt voor gelijktijdige toezending of terhandstelling aan de wederpartij van een kopie daarvan en, indien van toepassing, van de daarbij behorende producties.
Op het processtuk worden in de kop administratieve gegevens, zoals zaak- of rolnummer en roldatum, en de namen van de procespartijen vermeld.
Indien met het processtuk ook een andere proceshandeling wordt verricht dan die waarvoor de zaak staat, wordt dit eveneens op duidelijk kenbare wijze vermeld in de titel van het processtuk en op het bijgevoegde B-formulier.
Een door een partij gekozen verkorte partijnaam wordt door alle partijen consequent gehanteerd.

Artikel 4.9 – Producties of andere bewijsmiddelen bij gelegenheid van mondelinge behandeling en andere zittingen

Een partij die bij gelegenheid van een mondelinge behandeling, getuigenverhoor of descente nog producties of andere bewijsstukken in het geding wenst te brengen zorgt ervoor dat de rechtbank en de wederpartij, met inachtneming van de termijn van artikel 87 lid 6 Rv (10 kalenderdagen), een afschrift van de in het geding te brengen producties of (andere) bewijsmiddelen hebben ontvangen. De onder artikel 2.8 gestelde eisen zijn hierbij van toepassing.
De rechtbank kan eisen stellen aan de kwalificaties en/of competenties van de tolk. Indien tijdens de mondelinge behandeling twijfel ontstaat over de kwaliteit en/of objectiviteit van de tolk op grond waarvan de goede procesorde in gevaar komt, kan de rechtbank de tolk alsnog weigeren.

Landelijk procesreglement dagvaardingen handel rechtbanken, negende versie 1 juli 2024 (rechtspraak.nl)